Spoor 1 omvat meer dan de oorspronkelijke werkplek
Het eerste spoor richt zich op werk bij de huidige werkgever. Dat kan het eigen werk zijn, maar ook een aangepast takenpakket of een andere passende functie. Onderzoek daarom niet alleen of de werknemer zijn oude volledige dienst alweer kan uitvoeren. Kijk welke aanpassingen in uren, middelen, tempo of taakverdeling verantwoord en uitvoerbaar zijn.
Beschrijf de onderzochte mogelijkheden per functie of werkzaamhedenpakket. Een algemene conclusie dat er geen licht werk is, maakt niet duidelijk welke werkzaamheden werkelijk zijn bekeken. Betrek de actuele functionele adviezen en de organisatiepraktijk. Als een passende mogelijkheid tijdelijk niet beschikbaar is, noteer wanneer dat kan veranderen. Zo blijft de beoordeling gekoppeld aan feiten in plaats van aan een eenmalig oordeel dat maandenlang ongewijzigd wordt herhaald.
Spoor 2 richt de zoektocht op een andere werkgever
Wanneer terugkeer binnen de eigen organisatie onvoldoende perspectief biedt, kan een traject naar werk elders nodig zijn. Dat omvat meer dan het doorsturen van een standaardvacaturelijst. Een bruikbaar traject begint met een profiel van mogelijkheden, ervaring, vaardigheden en relevante beperkingen voor arbeid. Daarna worden passende richtingen en concrete zoekactiviteiten bepaald.
Spreek af welke ondersteuning het re-integratiebedrijf levert en wat van de werknemer wordt verwacht. Beoordeel de voortgang op de kwaliteit en passendheid van activiteiten, niet uitsluitend op het aantal verstuurde sollicitaties. Een reeks reacties op evident ongeschikte functies toont weinig gerichte inzet. Beschrijf ook welke feedback uit gesprekken wordt gebruikt om de zoekrichting of voorbereiding aan te passen.
De start van een tweede spoor sluit het eerste niet vanzelf af
Het begin van een extern traject betekent onder de huidige uitgangspunten niet automatisch dat alle mogelijkheden bij de eigen werkgever verdwijnen. Beide onderzoeken kunnen naast elkaar lopen. De actuele situatie bepaalt welke inspanningen nodig blijven. Een eerstejaarsevaluatie is een belangrijk moment om koers en vooruitzichten te beoordelen, maar geen reden om tot dat moment zonder gerichte actie af te wachten.
In april 2026 is een wetsvoorstel aangekondigd over een andere inrichting van het tweede ziektejaar bij kleinere werkgevers. Behandel een aangekondigde mogelijkheid niet als reeds geldende algemene vrijstelling. Controleer steeds de toepasselijke regels op de relevante datum. Een besluit om intern onderzoek te beëindigen vraagt een concrete juridische en feitelijke basis, niet alleen een verwijzing naar een nieuwsbericht.
Een productiemedewerker onderzoekt twee haalbare richtingen
Een productiemedewerker kan de fysieke kern van zijn oude functie voorlopig niet uitvoeren. Binnen het bedrijf wordt onderzocht of materiaalregistratie met aangepaste uren mogelijk is. Tegelijk brengt een extern traject administratieve ondersteuningsfuncties bij andere organisaties in kaart. De twee trajecten hebben andere werkzaamheden, begeleiders en evaluatiepunten.
De casemanager houdt daarom twee korte voortgangsoverzichten bij. Intern wordt gekeken naar de feitelijke belasting van registratietaken en de beschikbaarheid van begeleiding. Extern wordt onderzocht welke digitale vaardigheden ontbreken en hoe een passende kennismaking kan worden voorbereid. De werknemer krijgt één afgestemd weekprogramma. Het voorbeeld laat zien hoe parallel onderzoek kan worden georganiseerd zonder dubbele afspraken of onrealistische belasting door twee los van elkaar werkende begeleiders.
Beoordelingen moeten meegroeien met de belastbaarheid
Mogelijkheden kunnen gedurende herstel veranderen. Een eerder ongeschikte taak kan met aanpassing uitvoerbaar worden, terwijl een te snelle opbouw juist moet worden bijgesteld. Vraag daarom om verduidelijking wanneer adviezen niet meer aansluiten bij de ervaringen op de werkvloer. Werkgever en werknemer moeten hun waarnemingen kunnen bespreken zonder zelf medische conclusies te trekken.
Leg per evaluatie vast welke gegevens nieuw zijn en welke keuze daaruit volgt. Een extern traject hoeft niet hetzelfde programma te blijven aanbieden wanneer duidelijk wordt dat een gekozen richting niet haalbaar is. Evenmin moet een interne proef onbeperkt voortduren zonder doel of evaluatie. Benoem vooraf wat de proef moet verduidelijken en wanneer een vervolgkeuze wordt gemaakt.
Maak de samenhang zichtbaar in het re-integratiedossier
Een beoordelaar moet kunnen volgen waarom activiteiten zijn gestart, voortgezet, aangepast of beëindigd. Verbind daarom het advies over mogelijkheden aan de onderzochte functies, uitgevoerde acties en terugkoppeling. Rapporten van verschillende begeleiders moeten dezelfde relevante datums en werkafspraken gebruiken. Een tegenstrijdigheid over de beschikbare uren vraagt om opheldering voordat een nieuwe opdracht wordt gegeven.
Bij een concreet geschil over passendheid of inspanning kan een deskundigenoordeel aanvragen helpen. Bespreek daarnaast de risico's van aantoonbaar ontbrekende activiteiten tijdig; de pagina over een UWV-loonsanctie voorkomen behandelt de dossiercontrole. Het doel van de twee sporen blijft een verantwoorde terugkeer naar passend werk. Een zorgvuldig gemotiveerde koers ondersteunt dat doel beter dan een administratieve overgang die uitsluitend wordt ingezet omdat een kalenderdatum is bereikt.
Bronnen bij dit onderwerp
- Arboportaal — Re-integratietrajectGeraadpleegd op 2026-09-13
- Arboportaal — Verantwoordelijkheden werkgever en werknemerGeraadpleegd op 2026-09-13
- UWV — Werkwijzer Poortwachter en actualiseringenGeraadpleegd op 2026-09-13
- Rijksoverheid — Wetsvoorstel tweede ziektejaar mkb, 2 april 2026Geraadpleegd op 2026-09-13