Hoofdnavigatie

Vraag schriftelijk advies aan
KENNISBANK

Retentierecht van een aannemer: wanneer mag het werk worden vastgehouden?

Een aannemer die niet wordt betaald, kan onder voorwaarden afgifte van een zaak opschorten. Bij een bouwproject wordt dit vaak zichtbaar door een afgesloten terrein of een bord dat retentierecht wordt uitgeoefend. Dat bord schept het recht echter niet zelfstandig. De juridische voorwaarden en feitelijke situatie moeten aanwezig zijn. Dit artikel behandelt de beoordeling van een beroep op retentierecht en de gevolgen voor opdrachtgever, eigenaar en financier. Het gaat om een ingrijpend zekerheidsmiddel waarvoor een concrete analyse nodig is.

De betalingsvordering moet controleerbaar zijn

Begin bij de facturen, vervaldata en overeengekomen prestatie. Onderzoek welk bedrag opeisbaar is en welke posten worden betwist. Een aanspraak op toekomstig werk heeft een andere positie dan een vervallen termijn voor uitgevoerd werk. Ook de samenhang tussen de vordering en de verplichting tot afgifte is relevant. Het retentierecht kan niet zonder meer worden gebruikt voor ieder willekeurig financieel geschil tussen partijen. Maak daarom een overzicht van hoofdsom, betalingen en eventuele correcties. De aannemer moet kunnen uitleggen waarom juist deze vordering het vasthouden van juist deze zaak rechtvaardigt.

Feitelijke macht en afgifte zijn meer dan een mededeling

Voor de beoordeling is belangrijk wie de zaak daadwerkelijk onder zich heeft en wie haar moet afgeven. Bij een bouwplaats kunnen toegang, sleutels, afzetting en de stand van oplevering relevant zijn. Een uitsluitend administratieve verklaring dat retentierecht geldt, vervangt de feitelijke voorwaarden niet. Tegelijk bewijst een hek alleen niet dat iedere juridische eis is vervuld. Leg de situatie zorgvuldig vast en onderzoek welke handelingen rechtmatig mogelijk zijn. Een partij mag niet zonder beoordeling een al afgegeven locatie opnieuw in bezit nemen om alsnog zekerheid te creëren. De uitoefening moet aansluiten op een bestaande rechtspositie.

De eigenaar hoeft niet dezelfde persoon als de opdrachtgever te zijn

Een aannemer kan werken in opdracht van een huurder, ontwikkelaar of andere partij die niet zelf eigenaar is. Dan moet worden onderzocht of het retentierecht ook tegenover de eigenaar of andere derden kan worden ingeroepen. De wet maakt onderscheid naar onder meer het moment waarop rechten zijn ontstaan en de bevoegdheid waarmee de overeenkomst over de zaak is aangegaan. Een aanspraak tegen de opdrachtgever werkt dus niet automatisch tegen iedere hypotheekhouder of eigenaar. Breng daarom contractketen, eigendom en zekerheidsrechten in kaart. Zonder dat overzicht kan de praktische druk van een afgesloten locatie groter lijken dan de juridische zekerheid werkelijk is.

Een onderaannemer sluit een al gebruikte ruimte af

Een fictieve onderaannemer heeft een betalingsgeschil met de hoofdaannemer. Het gebouw wordt inmiddels door de eigenaar gebruikt, maar de onderaannemer plaatst opnieuw een hek en noemt dat retentierecht. In deze situatie moet eerst worden onderzocht of hij nog een afgifteplicht en voldoende feitelijke macht had en welke positie de eigenaar inneemt. Het opnieuw afsluiten kan niet uitsluitend door een onbetaalde factuur worden gerechtvaardigd. Het voorbeeld laat zien waarom de stand van oplevering en feitelijke afgifte essentieel zijn. Een juridisch advies moet voorafgaan aan ingrijpende handelingen die gebruik van het pand blokkeren.

Retentie geeft niet automatisch vrijheid tot verkoop

Het vasthouden van een zaak en verhaal op die zaak zijn verschillende stappen. De wet kan een retentor onder voorwaarden een bevoorrechte positie geven tegenover partijen tegen wie het recht kan worden ingeroepen. Dat betekent niet dat de aannemer zonder verdere procedure zelf het pand of aanwezige goederen mag verkopen. Onderzoek welke executie- of andere route nodig is en welke derden moeten worden betrokken. Ook faillissement of beslag kan de situatie beïnvloeden. Een overeenkomst over tijdelijke bewaking of toegang moet bovendien voorkomen dat onnodige schade ontstaat terwijl het betalingsgeschil nog niet is opgelost.

Vrijgave verbinden aan betaling of passende zekerheid

Partijen kunnen onderhandelen over betaling van het onbetwiste deel, aanvullende zekerheid of een andere regeling. Een bankgarantie kan soms helpen om het werk vrij te geven terwijl de inhoudelijke discussie doorgaat, maar de tekst en dekking moeten worden beoordeeld. Leg vast welk recht of voorbehoud na vrijgave blijft bestaan. De aannemer moet begrijpen dat afgifte gevolgen kan hebben voor zijn retentiepositie. De opdrachtgever moet weten of betaling een erkenning van alle betwiste posten inhoudt. Een zorgvuldig geformuleerde regeling kan continuïteit herstellen zonder de inhoudelijke aanspraken onbedoeld prijs te geven.

Een beroep of verweer op bewijs baseren

Verzamel de opdracht, betalingshistorie, foto's van toegang en afzetting, opleveringsstukken en informatie over eigendom. Leg vast wanneer de zaak feitelijk onder controle kwam en of zij tussentijds is afgegeven. Voor betwist meerwerk is de pagina over meerwerk bij aanneming relevant. Bij een onterecht of te ruim beroep op retentie kunnen aanzienlijke schadevragen ontstaan, terwijl een gerechtvaardigd recht belangrijke bescherming kan bieden. De beoordeling moet daarom zowel de financiële vordering als de feitelijke macht en positie van derden omvatten. Pas daarna kan een passende stap tot handhaving, vrijgave of rechterlijke beoordeling worden gekozen.

Bronnen bij dit onderwerp

Over onze redactionele werkwijzeEen correctie doorgeven

We gebruiken deze instelling niet voor advertentiepersonalisatie. U kunt uw keuze op elk moment wijzigen via Cookie-instellingen. Lees de cookieverklaring.